Kennis / Biodiversiteit
Een groen oppervlak is nog geen leefgebied
Op een kaart is een grasveld, park of berm al snel ‘groen’. Voor een wilde bij zegt die kleur weinig. De ecologische waarde hangt af van wat er werkelijk groeit, hoe het wordt beheerd, welke nestplekken aanwezig zijn en hoe de plek verbonden is met de omgeving.
ca. 2 min lezen
Groen kan heel verschillend zijn
Een kort gemaaid gazon en een kruidenrijke vegetatie kunnen op een landgebruikskaart allebei als groen verschijnen. Voor bestuivers zijn ze niet gelijkwaardig. Onderzoek in stedelijk groen laat zien dat lokale bloemdiversiteit en vegetatiestructuur samenhangen met verschillen in de rijkdom en samenstelling van hommelgemeenschappen. Andere studies vinden eveneens dat de kwaliteit van lokaal groen, en niet alleen de oppervlakte ervan, belangrijk is voor wilde bijen.
Bloemen zijn daarbij belangrijk, maar niet het enige criterium. Een wilde bij moet op of nabij een locatie ook kunnen nestelen, nestmateriaal kunnen vinden en gedurende haar actieve periode toegang houden tot geschikte voedselbronnen.
Beheer verandert de waarde van een plek
Een bloemrijke berm kan tijdelijk veel voedsel bieden en na een maaibeurt plotseling veel minder. Dat is vooral relevant voor soorten die tijdens hun korte vliegperiode afhankelijk zijn van bepaalde planten. EIS noemt bijvoorbeeld de knautiabij, die sterk afhankelijk is van beemdkroon; maaien tijdens de bloei kan de voedselvoorziening onderbreken terwijl vrouwtjes nog nesten bevoorraden.
Daarom hoort beheer bij het leefgebied. Niet alleen de inrichting op de dag van aanleg telt, maar ook wat er weken, maanden en jaren later gebeurt.
Ook de omgeving telt mee
Wageningen University & Research benadert bestuiverhabitat op landschapsschaal. Daarin worden robuustere ‘Bed & Breakfast’-gebieden gecombineerd met verbindingen en kleinere voedselplekken. Het uitgangspunt is dat soorten verschillen in vliegbereik en dat nest en voedsel ruimtelijk bij elkaar moeten passen.
Recent onderzoek aan 90 insectenhotels in Centraal-Europa sluit daarbij aan: de kwaliteit van de omliggende habitat was een belangrijke voorspeller van de bezetting. Een kunstmatige structuur kan dus niet los worden beoordeeld van de plek waar hij staat.
Bronnen
- WUR, Handleiding Routekaart Bijenlandschap.
- Wagstaffe & Dennis, Urban Ecosystems, 2025.
- Pekárková, Bogusch & Heneberg, 2026. DOI 10.1007/s10531-026-03405-w.
- EIS, Bijen en bloemen.
